Posts tonen met het label moderne Nederlandse letterkunde. Alle posts tonen
Posts tonen met het label moderne Nederlandse letterkunde. Alle posts tonen

woensdag, april 09, 2025

Antiquariaat G-Lu! is weer open!!

Verstand komt wellicht toch met de jaren. Het lijkt me niet langer zinnig om als privépersoon alle boeken te bewaren die ik ooit kocht in het kader van mijn professie. Gisteren las ik trouwens Changing my Mind van Julian Barnes (2025). Een heel heldere en wel overwogen en goed geformuleerde beschouwing over herinnering, woorden, politiek, boeken en over tijd en leeftijd, en over hoe alles verandert, inclusief je eigen ideeën erover. Niks mis mee. ’t Kan verkeren, schreef iemand van wie ik overigens weinig las.

Kortom, de eerste fase van de eerste aanval op mijn huisbibliotheek is achter de rug. Delen van boekenplanken zijn gekuist. Weg met werken waar ik hoogst waarschijnlijk niet meer in lezen zal.

Ook de tweede fase is afgerond en nu staan er veertig studies, vooral op het gebied van de literatuurwetenschap en de neerlandistiek, en dan vooral over moderne letterkunde (W.F. Hermans bijvoorbeeld, maar ook zwaarder en lichter geschut) voor vrijwel gratis te koop op G-Lu!, het digitale winkeltje met gebruikte boeken dat ik eerder al uitbaatte. Circuleert het niet dan deert het niet. Daarmee komt er ruimte vrij voor allerlei nieuwe boeken. Changing my Mind past er met z’n vijf millimeter dikte met gemak bij, om maar iets te noemen. Dat behoud ik en ga ik zeker nog op m’n gemak herlezen (en daarna zet ik het dus op de plank met ander werk van de onvolprezen Barnes).

Maar die veertig die nu het veld moeten ruimen, van Benders en Bogman tot Wellek en Weijers, bepaald niet vers van de pers maar stuk voor stuk nog best interessant, zijn bijna te geef; per stuk rond de vijf euro, waarmee ik plusminus verpak- en -zendkosten hoop te kunnen bestrijden. Ik hoef er niet aan te verdienen; mijn ABP en AOW sparen uw portemonnaie.

De collectie vul ik onregelmatig aan mits er wat verkocht is, zodat ik het abonnement op Boekwinkeltjes.nl kan bekostigen. Wie weet komt er ooit zelfs nog wat primaire literatuur bij...

dinsdag, juni 18, 2024

Vergeten of genegeerd?

Jeanne van Schaik-Willing (1895-1984) heeft geen eigen website of zelfs maar een Wikipediapagina. Dat doet me, nu ik de tweede druk (1937) van haar roman Uitstel van executie (1932) aan het lezen ben, vrezen voor de plaats die haar is toebedeeld in wat er in mijn boekenkast nog rest aan papieren handboeken Nederlandse literatuurgeschiedenis.

Naslag.

Die vrees bleek terecht. Alleen Bel (2015) noemt haar, maar dan wel vijf maal. In eerste instantie (p. 599) om te melden dat Van Schaik-Willing Amerikaanse literatuur recenseerde in De gids; er is Bel namelijk veel aan gelegen om te benadrukken dat in de jaren twintig van de twintigste eeuw er in de Nederlandse letteren belangstelling was voor Amerika.

Dan noemt ze haar (p. 696) als de enige vrouwelijke recensent van de drie die A.H. Nijhoff op basis van haar romandebuut Twee meisjes en ik (in de Gids van 1930) binnenhaalden als een nieuw talent; de anderen vonden het maar viezigheid, wat die Nettie Wind vertelde.

Daarna (p. 700) beschrijft Bel dat Van Schaik-Willing volgens Simon Vestdijk ‘een belangrijk Nederlands vrouwelijk auteur’ was, ‘de enige van Europees peil, die qua formaat niet onder hoefde te doen voor Virginia Woolf.’ Met mannelijke auteurs vergeleek Vestdijk haar niet. Wat Bel dan weer niet vermeldt, is dat Van Schaik-Willink en Vestdijk samen De overnachting (1947) schreven, een roman in brieven.

Ten vierde wordt zij genoemd, naast Marianne Philips, omdat zij zich teruggetrokken had als medewerkster aan een verhalenbundel (1940) geïnspireerd op het schilderij Het gele huis van Carel Willink. Volgens de samensteller, H.J. Smeding, was dit ‘[n]iet omdat zij van hun jood-zijn een probleem maakten, maar eenvoudig omdat zij ineens een ander probleem hadden: er levend door te komen.’

Ten slotte noemt Bel Van Schaik-Willing (p. 913) omdat zij, ‘die een gedicht van [David] Koker in de schoolkrant Vulpes had gelezen’, Koker in contact heeft gebracht met Menno ter Braak.

Van Schaik-Willing lijkt al met al meer een vijfde wiel aan een onbenullige literaire aanhangwagen dan een respectabele en interessante schrijfster met eigen literaire merites, al zouden het er maar vijf zijn.

Soms is het moeilijk de spelregels van de literatuurgeschiedschrijving te doorgronden.

Dit bericht kreeg een tweede leven op Neerlandistiek.nl, het online tijdschrift voor taal- en letterkunde.