zaterdag, februari 25, 2023

Etymologische blikvernauwing

Daar heb ik dus last van: etymologische blikvernauwing. Losse woorden maar ook opmerkelijke combinaties van woorden leiden me af van wat de welwillende schrijver (m/v/x) ermee bedoelde te zeggen. Ik lijd er wel aan maar niet onder.

Neem nou die woordklont Anti-oorlogsprotest. Anti betekent toch 'tegen' en pro 'voor'? Of zit het ingewikkelder? Want protesteren doet men in de praktijk vooral (woordspel gratis meegenomen) tégen iets. Ooit, lang geleden, toen mijn blik nog helder(der) was, heb ik althans protest aangetekend tégen de (voorgenomen) aanleg van de A27 en tégen de plaatsing van de kruisraketten in Nederland; later, om de drieslag te voltooien, tégen de idiote werkdruk op de universiteit (over de effectiviteit van dat activisme hebben we het wel een andere keer). Zo bezien zou anti-oorlogsprotest een voorbeeld kunnen zijn van taalslijtage: een uitgebreide, overbodig pleonastische of tautologische formulering. Voor wie tégen de oorlog is, zou het moeten volstaan om een oorlogsprotest aan te tekenen, of mee te lopen in een oorlogsprotest(mars).

Even zien wat het internet oplevert met betrekking tot protest. Een nachtmerrie: schermen vol outlets, sales, zwem- en skibroeken. En in een heel klein hoekje achteraf www.woorden.org dat weet te melden:

Andere woorden voor protest zijn bezwaar, opwerping, protestactie, tegenspraak, tegenwerping en verzet.

Gericht zoeken naar de etymologie van protest leidt tot een vergelijkbare, halfslachtige bevestiging van mijn oud-gymnasiale vooronderstelling:

Protest (van het Lat.: pro is 'voor', testari is 'getuigen') is het uitdrukken van negatieve gevoelens omtrent bepaalde politieke of maatschappelijke problemen. Op deze manier hopen mensen een verandering in de samenleving te bewerkstelligen.

Betekent protestare dan: getuigen van negatieve gevoelens, en niet: getuigen van gevoelens? En is demonstrare het getuigen van positieve gevoelens omtrent bepaalde politieke of maatschappelijke verschijnselen of idealen? Maar veel mensen demonstreren in de praktijk, en zeker tegenwoordig, hun negatieve gevoelens omtrent bepaalde politieke of maatschappelijke problemen.

Dan maar de Dikke Van Dale (online).

Protesteren (onovergankelijk werkwoord): 

mon­de­ling of schrif­te­lijk ver­kla­ren dat men zich ver­zet te­gen een han­de­ling, het­zij om­dat men daar­door in zijn rech­ten ver­kort wordt, of om­dat zij met bep. ge­voe­lens of over­tui­gin­gen in strijd is, op­ko­men te­gen …

Demonstreren (onovergankelijk werkwoord):

een de­mon­stra­tie (4) hou­den, daar­aan deel­ne­men

Moeten we toch nog even verder zoeken bij demonstratie, en dan ook maar bij protest. 

Protest:

mon­de­lin­ge of schrif­te­lij­ke ver­kla­ring dat je je te­gen een han­del­wij­ze ver­zet, hoe­wel je die niet kon be­let­ten = ver­zet1voor­be­houd

Demonstratie (4):

ge­za­men­lijk op­tre­den van een par­tij, van een groep men­sen om door een op­tocht, mee­ting enz. haar me­ning te ken­nen te ge­ven = be­to­ging (2)ma­ni­fes­ta­tie (1)

Opmerkelijk: een protest is dus vooral – of zelfs alleen – het uiten van gevoelens tegen iets, en een demonstratie kan duiden op het uiten van zowel gevoelens voor als tegen iets.

Ik denk dat ik inderdaad minder moeite zou hebben met het verwerken van de woordklont anti-oorlogsdemonstratie, omdat van een demonstratie niet bij voorbaat vaststaat dat ze voor of tegen iets gericht is, terwijl een protest (ondanks de etymologie) altijd tegen iets is.