maandag, september 19, 2016

Daar word ik nou heel zenuwachtig van...

Voor even verdreven uit de grote zaal door een zeer incidentele minder boeiende voordracht tijdens de Nacht van de Poëzie, dolend daaromheen, struin ik rond en kom langs een aandachtwekkend stalletje en whammes: "Dit. Is. Leuk!"

Meteen een verjaardagscadeautje gescored (geskoord?) voor (niet zo maar) een middelbareschoolklasgenote (paar maanden later jarig dan ik, vandaag, om precies te zijn, maar van hetzelfde jaar), en daarnaast nog een geintje voor de huisbibliotheek: een bijzonder uitgaafje van Gedichten van P.N. van Eyck uit 1917. Dat boek heb ik al, want ik heb bijna alles van Querculus in eerste druk - denk ik - verzameld sinds mijn doctoraalscriptie over deze niet geheel onbegrijpelijkerwijze wat in vergetelheid geraakte maar des niet tegenstaande zeer gedreven en begeesterde dichter.

Thuis, na de Nacht, de volgende dag, of eerlijker: de volgende middag, als het om bewustzijn gaat, het archief in gedoken en gezocht naar het boek. Hebbes in een oogwenk. Dat is het, maar niet hetzelfde. Allebei met een band van de reeks "Nederl. Bibliotheek", en wel nr. 353, een uitgave van "De Maatschappij voor Goede en Goedkoope Lectuur" te Amsterdam, bevattende 'Het ronde perk' en 'Lichtende golven' (Van Eyck, meer nog wellicht dan zijn leermeester, dé Meester, Albert Verwey, was een oeuvrebouwer, geen bundel-dichter, en gaf eerder verschenen werk graag opnieuw uit in wisselende samenstelling).

Het zijn echt twee verschillende bandjes. Het een is dun, van papier en vooral oranje, het andere is bijna tweemaal zo dik, van linnen en groen. Op het eerste heet het "P.N. van Eyck | Gedichten", op het het andere: "Gedichten | door | P.N. van Eyck". 

Na even turen zie ik het: het oranje bandje sluit om een gebonden boekblok van tien katernen, het groene om een garenloos gebonden (geplakte) mij onbekende maar grotere hoeveelheid in de rug afgesneden kakelverse pagina's. Dat groene bandje kàn oorspronkelijk datzelfde aantal van 160 pagina's bevat hebben, maar omdat de bindwijze anders is, kon de kneep verplaatst worden en dus de rug navenant ruimer worden gemaakt.

Aldus weet About: blanks oude omslagen te hergebruiken dan wel her te gebruiken voor 'nieuwe' aanteken- of notitieboeken. Veel beter dan dummy's. Jammer dat het schutblad daar verloren door gaat, maar daar staat veel noteergenot tegenover: lekker in die bundel van Van Eyck schrijven!

 Beetje zorgelijk is wel dat Picarta geen onderscheid maakt tussen de oranje en de groene band. Het moeten toch minstens twee oplagen zijn geweest (weinig bundels van Van Eyck beleefden, denk ik, een nieuwe druk, behalve Herwaarts).


P.S.
Op boekwinkeltjes wordt het boek tien keer aangeboden door negen verschillende antiquairs voor een prijs uiteenlopend van € 2,95 tot € 10,00. Het lijkt alleen om de groene versie te gaan, waarvan het bandmateriaal wordt omschreven als linnen, halflinnen en als kantfolie, maar dat laatste slaat waarschijnlijk op de harteloze behandeling waarmee een eerdere eigenaar zijn boekje heeft getracht te 'beschermen' (gek genoeg is dat het duurste exemplaar). Eenmaal wordt het omslag nader getypeerd als 'grijs [...] met donkergroene opdruk', maar dat zal gewoon die niet-oranje oplage zijn die ik groen noem.

De eerste strofe van het eerste, titelloze gedicht, want anders is het zo kaal, zo vlak na de Nacht van de Poëzie:

Ik kwam tot hier, en zag. Ik zocht
Iets anders maar geen sterfling vindt,
Ook niet aan 't einde van zijn tocht,
De dingen die hij droomde als kind.



vrijdag, september 09, 2016

Cricket and crime

Onlangs overwoog ik om Mrs Dalloway van Virginia Woolf te herlezen. Ik las de roman in een Nederlandse vertaling (dat kan je, denk ik, zien aan de ontbrekende punt na Mrs) en op vakantie; ik vond het wel aardig boek maar niet bijzonder. Toen ik dat oordeel mededeelde aan een collega, kreeg ik de wind van voren - want dit  was  dus  wel  het  mooiste  boek  ooit, of woorden van gelijke strekking - en die avond nog een mail erachteraan met een dijk van een citaat. In het Engels. En inderdaad: mooi, heel heel mooi. Ik had, leidde ik af uit de apologie van mijn collega en uit de subtiele kwaliteiten van het citaat, Woolf geen recht gedaan door haar roman soezend onder de Umbrische zon in vertaling te lezen. Dat kon beter.

Ik zocht een Engelse e-versie, want ik ben dol op anders-dan-Nederlandstalige boeken met ingebouwd woordenboek: je hoeft maar te wijzen en een vertaling verschijnt in beeld; als het vocabulaire van Woolf verder reikt dan dat van Van Dale, schiet je met nog een keer wijzen Wikipedia of Google in, mits je in de buurt van een wifi-dingetje zit.

En ik vond Mrs. Dalloway binnen een mum, in een minimum of zelfs een nanomum. En meer: ik vond alle negen de Woolf-romans in e-pub-formaat en naar het zich laat aanzien geheel legaal (Woolf stapte meer dan zeventig jaar geleden de Ouse in) voor maar één euro en tachtig cent. Hebbes.

Maar ik was nog niet aan Mrs. Dalloway begonnen, of ik dacht: laat ik bij het begin beginnen, nu ik ze toch allemaal heb. Dus nu ben ik bezig met project-Woolf. De colleges zijn inmiddels begonnen (en geen ervan gaat natuurlijk weer over Woolf), dus ik ben nog niet ver: bijna halverwege The Voyage Out uit 1915. Best aardig (sorry, Femke!), een beetje te à la Couperus' Haagsche romans naar mijn smaak, en Villa des roses vind ik ook al niet Elsschots sterkste prozawerk, zachtjes uitgedrukt; al dat gedrentel van al die personages door elkaar, kamer in en kamer uit, en al dat nuffige geklets en gedoe... maar mooi geschreven. Grappig is dat Mrs. Dalloway in deze roman al een personage is, en dat een ander personage een eigen kamer zeer op prijs stelt.

En soms springt er een zin tussen al die toch al mooie, weloverwogen volzinnen uit, zowel door de vorm als door de inhoud, zoals deze in een conversatie over wat men zoal wel en niet leest in de courant:
'I confine myself to cricket and crime,' said Hirst. 'The worst of coming from the upper classes,' he continued, ' is that one's friends are never killed in railway accidents.' 
Reden genoeg om langzaam en aandachtig verder te lezen.

dinsdag, september 06, 2016

Diepe indruk

Diep ben ik onder de indruk van de mogelijkheid om tegen mijn laptop aan te kletsen - dat kon natuurlijk al langere tijd - en dat die gekletste tekst dan op het scherm verschijnt. Dat is echt beter dan in de kou op een raam ademen en er een woord in schrijven met je vinger.

Het apparaat weet zelfs onderscheid te maken tussen tekst en Meta tags (daar gaat het dan even mis: ik zei: meta tekst (jammer van die spatie).

[wat je niet kunt zien, is dat deze opmerking tussen deze vierkante haken getikt, en alles hierboven ingesproken is]

[[als je een tekst dicteert, ben je dan al een dictator?]]

zondag, september 04, 2016

Lezen na de Nacht (poëzie)

De afgelopen tijd heb ik me stiekem (nou ja, Sophie wist het), ongemerkt (en Joska ook), tussen de bedrijven door (valoriseert het niet dan deert het niet, hè Geert), om het proza heen (so sorry, my dear Virginia), het schompes gelezen aan nieuwe poëziebundels. Heerlijk, heerlijk, driewerf heerlijk.

Gewoonlijk zou ik daar, bij bevind van leesplezier, verslag van uitbrengen op mijn leesblog (nee: daar staan zijn geen recensies, hooguit leesverslagen). Maar deze recent stukgelezen bundels ga ik (opnieuw) lezen, en, vanaf 6 februari 2017, bespreken in het Literatuurhuis met mensen die naar de Nacht van de poëzie zijn geweest (hoop ik), die ik nog niet ken (denk ik), en die geen losse gedichten maar hele bundels van enkele Nachtdichters zo onbevangen mogelijk lezen en herlezen (wens en verwacht ik).

Dus: hoe minder papieren en digitale recensies zij, de 'cursisten', er aanvankelijk op na (kunnen) slaan, hoe beter (bij wijze van spreken). Maar ik ben graag bereid toe te geven dat ik doende ben recensies te verzamelen, niet om nu al te lezen, maar om achter de hand te hebben. Want: je eigen leeservaring confronteren met die van anderen is uiterst leerzaam. Dat gaan we in die cursus doen, eerst (misschien wel helemaal) zonder recensies.

Ergo: dat ik niets schrijf hier (een kleine uitzondering hieronder daargelaten), en ook geen leesverslag daar, over de jongste bundel van Eva Gerlach, Anne Vegter, Mustafa Kör, Joke van Leeuwen, K. Michel en Marieke Rijneveld, zegt niets over mijn leesplezier.

Het lijkt me een leuke opdracht om over die bundels, dat lezen, het bespreken, en over de gedeelde ervaringen iets te schrijven... na afloop van de cursus.

Worde vervolgd

vrijdag, augustus 26, 2016

Influenza?

Dan zit je een zeer geroemd en om de beelden bepluimd debuut uit 2015 te lezen en dan lees je dus ook de passage: "als ze straks de boerderij een / injectie geven, in laten slapen als de hond van de boer twee sloten / verderop."

Dan struikel je niet over de even opzichtige als zinledige enjambementen, maar wel over een - hoe heet het - opmerkelijke overeenkomst.


Dan denk je namelijk zwijmelend terug aan een van de legendarisch fraaie oer-Roosbeef-songs, 'De boerderij' van een schijfje uit 2006, waarin Reebergen, na een even gedegen als tergende en goed getimede opbouw, met van die typerende herhalingen (die het in haar songs heel goed 'doen', maar op papier mijns inziens helaas niet) komt tot de weemoedsvolle hartekreet: "de boerderij krijgt een spuitje / zonder verdoving" (hoor hierof, voor een wat drogere versie, daar).



Dan bedenk je je ook nog dat La Reebergen in 2014 een album uitbracht met de titel Kalf. Geen kip-of-ei-probleem, lijkt me.

dinsdag, augustus 16, 2016

Effe zeuren

In Literair Nederland, of in Literair Nederland, of moet ik zeggen: op Literair Nederland.nl bespreekt Maarten Buser het boek Dichters van het nieuwe millennium. Hij vindt het goed, hij schrijft althans dat het "uiteindelijk toch gewoon geslaagd is", en, let wel, hij bespreekt het boek als geheel. Prettig oordeel, al vind ik het eigenlijk niet 'gewoon' dat een bundel, waarin meer dan twintig verschillende auteurs een bijdrage schrijven over evenzoveel (zeer) verschillende dichters, geslaagd is. Ik vind de pluim van Buser dus bijzonder.

Bij vlagen ben ik stevig bezig het boek ook in z'n geheel te lezen, en ik moet zeggen: het is een kleurrijk geheel geworden, een leuke bundel die je kennis laat maken met dichters die je nog niet of nog te weinig kende, en waarin je kunt lezen wat anderen vinden van de dichters waar je misschien je mening al over klaar dacht te hebben. Maar ja, als ik dat zeg, deugt dat niet, want ik schreef zelf een stuk voor de bundel. Maar als Buser het zegt, ben ik daar, namens de redactie als het ware, blij mee. 

Maar er zijn wel twee zeurpuntjes bij het boek, volgens Buser. Een daarvan betreft de bejegening van de literaire kritiek op het internet. Buser noteert dat Jos Joosten, de hoogleraar Moderne Nederlandse letterkunde te Nijmegen, die zich in het verleden niet bepaald liet kennen als een groot pleitbezorger voor de internetkritiek, 'een belangrijke kanttekening' plaatst:

'De receptie [van Vluchtautogedichten van Maarten van der Graaff] toont namelijk stilaan de nieuwe dimensie waarin de internetkritiek voorziet. Op het moment dat geen enkele krant de bundel had besproken, waren er tal van recensies verschenen op het internet. Dit waren over het algemeen serieuze, lange artikelen'.

Daarna schrijft Buser:

'Dat Fabian Stolk ergens opmerkt "er is slechts één louter zurige recensie [van werk van Annemarie Estor; FS], die van Nikki Dekker op 8WEEKLY, dat evenwel geen vooraanstaand literair-kritisch orgaan genoemd kan worden", is daarom bepaald niet chique en een beetje jammer.'

Toen ik dat las, vroeg ik mij af: 'Waarom? Waarom staat er daar "daarom"?'

Is het 'niet chique' om één specifieke website 'geen vooraanstaand literair-kritisch orgaan' te noemen omdat Joosten vindt dat 'de internetkritiek' in zijn algemeenheid 'stilaan [in] de nieuwe dimensie [...] voorziet'? Is het 'niet chique' om iets anders te vinden dan een collega? Als dat zo is, zit er inderdaad een groot gat in mijn kennis van de literaire meningen-etiquette, want over meningen hebben we het hier. En, wellicht ten overvloede: het internet is wat anders dan één website.

Ik hoor graag - mocht het zo zijn - dat 8Weekly wèl een vooraanstaand literair-kritisch orgaan genoemd zou kunnen worden; mij best, kan best, er gaan dagen voorbij dat ik niets van die stek lees; de ene mening voor een andere. Maar dan snap ik niet dat Buser die site zelf niet noemt in zijn opsomming van 'verschillende websites [die] misschien (nog) niet hun prestige hebben, maar die ruimte [voor recensies] juist wel bieden. Denk aan het wat academischere De Reactor, of juist wat meer mainstreamsites als Meander of inderdaad Literair Nederland.' Is dat misschien omdat bedoelde webstek toch '(nog) niet [zijn] prestige' heeft, met andere woorden (nog) 'geen vooraanstaand literair-kritisch orgaan genoemd kan worden'?

Daar pieker ik dan over, op een dinsdagnamiddag.


zaterdag, augustus 13, 2016

Hedendaags Marechaussisme

De knalharde logica die soms de kop opsteekt in NOS-nieuwsberichten, subliem. Neem een bericht van 13-08-2016, anno internationale terreur-hausse, en Nederland pikt een graantje mee.

"Agenten van de Koninklijke Marechaussee hebben vanochtend zestien mensen beboet die op de A4 bij Schiphol over de vluchtstrook liepen. Niet eerder werden er daar zoveel boetes uitgeschreven. Dat komt omdat de files ook nog nooit zo lang waren, zegt een woordvoerder."

Ik neem aan dat de logicus in dezen een woordvoerder van de Marechaussee is; die weet dat soort dingen: hoe langer de file, hoe meer mensen er over de vluchtstrook gaan lopen, en dus hoe meer boetes de Marechaussee uitdeelt (ik leid eruit af dat je niet over een vluchtstrook mag lopen, tenzij je tegelijkertijd vlucht; rijden over de vluchtstrook schijnt trouwens ook al verboden te zijn, zeker langs files; je vraagt je af waar die dingen voor dienen). Hoe dan ook: deze woordvoerder bedrijft een zuivere vorm van het ten onrechte in het dagelijkse leven veronachtzaamde  Marechaussisme.

Deze praktische, op ervaringskennis gestoelde vorm van logica is nog niets vergeleken bij de granieten logische intuïtie van de gemiddelde autorijdende annex vliegbegerige burger-landgenoot:

"De files ontstonden door de extra veiligheidsmaatregelen in verband met terreurdreiging. Mensen die bang waren hun vlucht te missen, stapten uit en gingen lopend verder. // Volgens de Marechaussee ontstonden daardoor levensgevaarlijke situaties."

Worden er eens een keer op tijd ('preventief', staat er namelijk op de waarschuwingsborden) (extra) veiligheidsmaatregelen getroffen, wat doen dan Jan en Truus met de boordevolle rolkoffer: levensgevaarlijke situaties creëren. Zo wordt hier alles de verwoesting in genivelleerd.

Er gaan overigens dagen voorbij dat ik, logische leek, in een file in m'n auto blijf zitten, maar ik heb nu weer wat geleerd: voortaan gewoon verder lopen, over de vluchtstrook. Kans op boete van € 110 maar kennelijk is dat goedkoper dan lang-parkeren op Schiphol.

Waar een klein land groot in kan zijn.